De wet

 

Veel mensen uit het buitenland zien Nederland als een soort drugsparadijs waar je ongestraft drugs kunt gebruiken. Maar in Nederland zijn er natuurlijk ook wetten over drugs.

Hoe zit het nou eigenlijk met onze wetgeving omtrent drugs en druggebruik? Wat is legaal en wat niet en wat houdt het gedoogbeleid in? Wat gebeurt als je met illegale middelen gepakt wordt op een feest?

↑ Terug naar menu↑ Terug naar boven

De wet§

De Opiumwet

In Nederland spreken we van de zogenaamde Opiumwet.

De Opiumwet verbiedt het bezit, de handel, de verkoop, het vervoer, de vervaardiging etc. van de onder de wet vallende middelen. Gebruik op zichzelf is niet strafbaar.

De Opiumwet bestaat uit twee lijsten:

  1. Lijst 1: drugs met een onaanvaardbaar risico voor de gezondheid (harddrugs). Bijvoorbeeld: cocaïne, XTC, GHB, amfetamine, LSD, heroïne
  2. Lijst 2: drugs die in mindere mate schadelijk zijn voor de gezondheid (softdrugs). Bijvoorbeeld:  hasj en wiet en hallucinogene paddenstoelen

Geneesmiddelenwet

Tot eind 2014 leek het mogelijk om nieuwe psychoactieve stoffen (NPS) aan te pakken met de Geneesmiddelenwet. Maar het Europese Hof heeft een uitspraak gedaan waarin duidelijk werd dat eerst duidelijk moet zijn dat een middel ook geneest. Niet zo maar elke psychoactieve stof is volgens het Europese Hof een geneesmiddel. Alleen geneesmiddelen mogen onder de Geneesmiddelenwet vallen.

Legaal

Legale drugs zijn alcohol, tabak en cafeïne. Legaal betekent niet dat alles mag, ook voor legale drugs bestaan er allerlei wetten en regels (denk aan leeftijdsgrenzen voor alcohol en tabak) en deze producten vallen onder de Warenwet. De meeste ingrediënten die in smartproducten verwerkt worden zijn ook legaal zoals bijvoorbeeld guarana en kolanoot.

4-FA en andere (legale) Nieuwe Psychoactieve Stoffen (NPS)

Clubs, feesten en festivals hanteren een zero-tolerance beleid, omdat de beveiliging en politie met het blote oog niet kunnen zien om welke stof het gaat zullen ze je de toegang weigeren wanneer je 4-FA, of andere legale stoffen die er uit zien als drugs, op zak hebt.

De drank- en horecawet

De Drank- en Horecawet is een belangrijk instrument van het alcoholmatigingsbeleid van de overheid. De wet stelt eisen aan de verkoop en distributie van alle alcoholhoudende dranken. De handhaving van de wet ligt bij de gemeenten. Per 1 januari 2014 is de Drank- en Horecawet gewijzigd. De leeftijd waarop alcohol verkocht mag worden is omhooggegaan naar 18 jaar. Voorheen werd er een onderscheid gemaakt tussen de leeftijd voor verkoop van zwak alcoholische drank (16 jaar) en sterk alcoholische drank (18 jaar).

Andere belangrijke bepalingen van de Drank- en Horecawet zijn :

  • Voor de verkoop van sterk alcoholische drank is een vergunning nodig. Voor het verkopen van zwak alcoholische drank is dit niet nodig (bijvoorbeeld in een winkel of supermarkt).
  • Bij het overtreden van de wet kan de burgemeester de vergunning van een horecagelegenheid of slijterij schorsen.
  • Supermarkten of andere detailhandelaren krijgen te maken met een zogenaamde ‘3 strikes out’-maatregel. Dat betekent dat een alcoholafdeling (tijdelijk) kan worden gesloten als het bedrijf 3 keer wordt betrapt op verboden verkoop in 12 maanden tijd.
  • Per 1 januari 2014 zijn jongeren onder de 18 jaar strafbaar als ze in de openbare ruimte alcoholhoudende drank bij zich hebben (boete € 45) (was 16).
  • Happy hours of andere prijsacties kunnen beperkt worden door de gemeente.
  • Gemeenten moeten een verordening opstellen met o.a. schenktijden in sportclubs, studentenverenigingen en club- en buurthuizen.
  • Langs de snelweg mag alcohol niet verkocht worden (bijvoorbeeld bij tankstations)
  • Voor het schenken van alcohol in de horeca is vakkennis vereist.
  • Toelatings- en schenkverbod.

Klik hier voor de gehele tekst van de wet.

Verantwoordelijke ministeries

De verantwoordelijkheid voor het Nederlandse drugsbeleid ligt bij verschillende ministeries. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) is verantwoordelijk voor de coördinatie van het drugsbeleid en belast met preventie- en hulpverleningsbeleid.

Het Ministerie van Veiligheid en Justitie is belast met de strafrechtelijke handhaving, en gemeentelijk bestuur en politie horen in de portefeuille van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Gemeenten bespreken hun eigen drugsaangelegenheden in een ‘driehoeksoverleg’: de burgemeester, de korpschef van politie en de officier van justitie.

↑ Terug naar menu↑ Terug naar boven

Gedoogbeleid§

Veel mensen maken de fout als ze het hebben over het Nederlandse drugsbeleid dat ze denken dat het gebruik en de verkoop van cannabis niet strafbaar is. We hanteren een zogenaamd gedoogbeleid, wat betekent dat er een beleid gevoerd wordt waar bepaalde gedragingen en overtredingen van een wet niet meer worden vervolgd. In dit geval betekent dit dat bezit en verkoop nog steeds strafbaar zijn, maar de politie niet meer optreedt en het Openbaar Ministerie niet meer vervolgt.

Concreet hebben we het dan alleen over de verkoop in coffeeshops en het kleinverbruik van hasj en wiet. Kleinverbruik is een hoeveelheid van maximaal 5 gram dat je voor eigen gebruik bij je mag hebben en dus mag kopen in de coffeeshop. De coffeeshop mag een maximale handelsvoorraad van 500 gram in voorraad mag hebben.

De productie en handel van cannabis is dus verboden. Punt is dat het gebruik van cannabis en de verkoop daarvan via coffeeshops niet zonder de handel kunnen. Ze hangen onlosmakelijk met elkaar verbonden. Hoe komen die coffeeshops anders aan hun handelswaar? Als gevolg van het gedoogbeleid is er een enorme illegale markt rond de cannabis ontstaan. Wat een koerswijziging in het Nederlandse gedoogbeleid teweeg heeft gebracht. Aanwijzingen voor de veranderende koerswijziging met betrekking tot het gedoogbeleid kunnen gevonden worden in het meer restrictieve gedoogbeleid dat zich de laatste jaren heeft ontwikkeld. Het wijzigen van de minimumleeftijd, het sluiten coffeeshops, de meer strikte regelgeving zoals het afstandscriterium tot scholen en het wijzigen van de gebruik- en handelsvoorraden zijn slechts een paar pogingen van de overheid om invloed uit te oefenen op het gedoogbeleid.

↑ Terug naar menu↑ Terug naar boven

Zero tolerance§

Het OM is belast met de opsporing en vervolging van onder meer de strafbare gedragingen uit de Opiumwet. Er zijn bepaalde richtlijnen als het gaat om strafbaarheid en prioriteiten. Handel in harddrugs moet volgens de richtlijnen de meeste aandacht krijgen en wordt het strengst bestraft, daarna volgt handel in softdrugs. Minder aandacht is nodig voor eigen gebruik. In sommige regio’s echter geldt een zero-tolerance beleid. In die regio’s kunnen ook gebruikers met de politie te maken krijgen. Het blijven wat dat betreft richtlijnen waar plaatselijke officieren van Justitie van kunnen afwijken. Bovendien kan er ook sprake zijn van lokale richtlijnen.

Normaal gesproken wordt bezit voor eigen gebruik van zowel harddrugs als softdrugs niet opgespoord en vervolgd. Bezit voor eigen gebruik is dan 5 gram voor hasj en wiet, een halve gram voor cocaïne en 1 pil voor XTC.

In regio’s met een zero- tolerance beleid wordt er door de politie behalve op dealen ook op gebruik gelet. Men hoopt op die manier de handel in drugs verder te kunnen tegengaan. Houdt de politie je aan met een gebruikers hoeveelheid dan worden de drugs in beslag genomen. Je krijgt geen boete en wordt ook niet vervolgd. Het in beslag nemen wordt wel geregistreerd.

Je naam is dan bekend bij de politie maar je hebt geen strafblad. Of de aanhouding leidt tot een aantekening op je strafblad is niet met zekerheid te zeggen. Het kan zo zijn dat een overtreding waar je verder niet voor wordt vervolgd of beboet op je strafblad te zien is als een geseponeerde zaak. Het kan ook zijn dat de aanhouding alleen wordt geregistreerd in het lokale politie register en niet op je strafblad terecht komt.

Als je meer drugs bij je hebt dan een gebruikers hoeveelheid zul je al snel als dealer worden gezien. Dat geldt ook als je 2 soorten drugs bij je hebt, bijvoorbeeld een kwart gram speed en een XTC pil.

↑ Terug naar menu↑ Terug naar boven

Het puntensysteem§

Justitie werkt met een puntensysteem. Een strafbaar feit levert een aantal strafpunten op. Aan de hand van verzwarende of verlichtende factoren kan het aantal punten verhoogd of verminderd worden. Elk punt kost je 29 euro boete, twee uur taakstraf of 1 dag gevangenisstraf.

Het is een vrij lang en ingewikkeld verhaal. Maar hieronder hebben we geprobeerd dit systeem zo goed mogelijk uit te leggen. Je moet dus even de tijd nemen om het te lezen en te begrijpen.

Strafbaar zijn productie, verkoop, invoer en uitvoer van drugs. Hoe groter de partij hoe meer strafpunten. Bezit voor eigen gebruik wordt niet vervolgd. Wel moet de politie de drugs in beslag nemen. Dit heet ‘ afstand met sepot’  Hieronder kun je uitrekenen welke straf je kunt krijgen.

De hoogte van de straf hangt af van het aantal strafpunten dat je voor het plegen van een bepaald strafbaar feit krijgt. Bij softdrugs krijg je minder strafpunten dan bij harddrugs. Wel moet je bij softdrugs per punt meer boete betalen namelijk €58 in plaats van €29 per punt.

Heb je de Opiumwet overtreden dan wordt het aantal strafpunten berekend. Hierbij kijkt men naar:

  • De strafbare handeling.
  • De grootte van de partij drugs. Dit levert afhankelijk van de hoeveelheid extra strafpunten op.
  • Eventuele verlichtende en verzwarende factoren.

Ad 1 de strafbare handeling

Elk strafbare handeling levert een aantal strafpunten op. Per handeling en voor soft- en harddrugs is het aantal strafpunten verschillend.

Softdrugs:

  • Bezitten: 2 punten
  • Telen: 4 punten
  • Verkopen: 4 punten
  • Invoeren/uitvoeren: 4 punten.
  • Vervaardigen: 2 punten

Harddrugs

  • Bezitten: 10 punten
  • Bereiden: 20 punten
  • Verkopen: 20 punten
  • Voorbereiden handel: 10 punten
  • Voorbereiden invoer/uitvoer: 15 punten
  • Invoeren/uitvoeren: 30 punten

Ad 2 de grootte van de partij drugs

Als het bij het strafbare feit gaat om een grote partij drugs krijg je meer strafpunten dan wanneer het gaat om een kleine partij.

Men heeft de hoeveelheden ingedeeld in 4 schijven. Hoe hoger de schijf hoe meer strafpunten. Er wordt een onderscheid gemaakt in soft drugs en harddrugs

Softdrugs

Bij softdrugs gaat het om de volgende schijven.

  • 30 tot 1000 gram (of 6 tot 200 planten)
  • 1000 gram – 5 kg (of 200 tot 1000 planten)
  • 5 kg – 25 kg (of 1000 tot 5000 planten)
  • Meer dan 25 kg (of meer dan 5000 planten).

Voor elke schijf worden extra strafpunten toegekend.

Voor de eerste schijf 30 tot 1000 gram (of 6 tot 200 planten) worden voor onderstaande handelingen de volgende extra punten toegekend.

  • Bezit: 1/2 * 0,082 punt per gram (of 1/2 * 0.41 punt per plant).
  • Telen: 1/2 * 0,082 punt per gram (of 1/2 * 0,41 punt per plant).
  • In/uitvoeren: 1/2 *0,082 punt per gram (of 1/2 * 0.41 punt per plant).

Bezit je dus 50 gram of 10 planten dan is het strafbare feit: bezit en val je in schijf 1. Je krijgt dan 2 strafpunten voor bezit. Voor de hoeveelheid krijg je 50* (1/2 *0,082) = 2 punten. Samen is dit 4 punten.

Voor softdrugs geldt een boete van 58 euro per punt. Zo kun je voor elke hoeveelheid uitrekenen hoeveel straf je krijgt.

Kom je met de hoeveelheid in de tweede schijf, dan geldt een andere puntentoekenning. Overigens alleen voor de hoeveelheid die boven de eerste schijf uitkomt. Voor de tweede schijf is de punten toekenning 1/2 * 0,023 per gram (of 1/2 * 0,115 punt per plant). Voor de verdere schijven gelden ook weer andere puntentoekenningen.

Eigen gebruik

Een hoeveelheid tot 5 gram cannabis of 5 planten wordt gezien als een hoeveelheid bedoeld voor eigen gebruik. Er is dan geen reden om te denken dat je dealt. Er volgt dan afstand met sepot. Dat wil zeggen dat als de politie je met deze hoeveelheid betrapt je de softdrugs moet afstaan en geen boete krijgt.

Harddrugs

Bij harddrugs gaat het dan om de volgende schijven:

  • 1-60 pillen (of 0,5 tot 30 gram)
  • 60 tot 2000 pillen (of 30 tot 1000 gram)
  • 2000 tot 10.000 pillen (of 1000 tot 5000 gram)
  • boven de 10.000 pillen (of meer dan 5000 gram)

Voor de eerste schijf harddrugs (tussen 1 tot 60 pillen of tussen 0,5 en 30 gram) worden voor onderstaande handelingen de volgende extra punten toegekend.

  • Bezit: 1/3 * 4 punten per pil (of 1/3 * keer 8 punten per gram).
  • Verkopen/bereiden: 2/3 * 4 punten per pil (of 2/3 keer 8 punten per gram)
  • Import/export: 4 punten per pil (of 8 punten per gram).

Bij bezit van 10 pillen is het strafbare feit bezit. Je krijgt dan 10 strafpunten. Wat betreft hoeveelheid val je in schijf 1. Voor de hoeveelheid krijg je  10 *(1/3 *4 ) = 13 1/3 strafpunt. Samen is dat 23 1/3 strafpunt. Voor harddrugs geldt een boete van € 22 per punt. In totaal € 467 boete.

Bij verkoop van 10 pillen is het strafbare feit verkoop. Je krijgt dan 20 strafpunten. Wat betreft hoeveelheid val je in schijf 1. Voor de hoeveelheid krijg je 10 *(2/3*4)= 26 2/3 punt. Samen 46 2/3 punt. 46 2/3 * € 22 euro is  € 934 boete.

Bij uitvoeren van 10 pillen is het strafbare feit uitvoer. Voor uitvoer krijg je 30 strafpunten.Wat betreft hoeveelheid val je in schijf 1. Voor de hoeveelheid krijg je 10 * 4= 40 punten. Samen is dit 70 punten. 70 * € 22 is € 1540 boete.

Zo kun je voor elke hoeveelheid uitrekenen hoeveel straf je krijgt.

Kom je met de hoeveelheid in de tweede schijf dan dan geldt een andere punten toekenning. Overigens alleen voor de hoeveelheid die boven de eerste schijf uitkomt. Voor de tweede schijf is de puntentoekenning 2 * keer 1,25 punt per pil (of 1/3 * 2,5 punt per gram).

Eigen gebruik

Tot 1 pil of 0,5 gram wordt gezien als hoeveelheid voor eigen gebruik. Dit hoeft niet gericht opgespoord te worden. In de regel geldt afstand met sepot. Je moet de drug afstaan en krijgt geen boete.

Ad 3 verlichtende of verzwarende factoren

Er zijn ook verzwarende of verlichtende factoren die meetellen bij de hoogte van de straf. Zo maakt het uit of je hoofddader bent of alleen medeplichtig bent. Ook maakt het uit of je het strafbare feit voor de eerste keer pleegt of dat je het al een keer eerder hebt gedaan (recidive). De verzwarende of verlichtende factoren worden uitgedrukt in een percentage. Als je medeplichtig bent en geen dader dan wordt 33% van het puntentotaal afgetrokken. Heb je al een keer eerder het strafbare feit gepleegd dan wordt 10% van het punten aantal erbij geteld. Heb je het meermalen gedaan dan wordt er 20 % bijgeteld.

↑ Terug naar menu↑ Terug naar boven

Gepakt en nu?§

De laatste tijd ha­ndhaven politie en Justitie steeds strenger de Opi­umwet. Iedere bezoeker van een festival/feest kan ­zomaar aangehouden worden; ook als je geen drugs b­ij je hebt. Het blijkt een schemergebied waar rech­ten en plichten onduidelijk zijn/lijken. Hier vin­d je meer informatie over je eigen rechten en de r­egels waar de politie zich aan moet houden.

Als ­je drugs hebt gebruikt ben je niet strafbaar volge­ns de Opiumwet. Bezit, handel en productie zijn we­l strafbare feiten. Als je een gebruikershoeveelhe­id (= 1 pil of een halve gram poeder) bij je hebt ­moet je dit afstaan en krijg je meestal geen boete­.
Eén ding is duidelijk: je hebt recht op een res­pectvolle behandeling, ook als je de wet overtreedt! De belangrijkste zaken even op een rijtje:

  • ­Vraag direct naar de legitimatie van de undercov­er-agent, wat zijn naam of stamnummer is en de red­en van aanhouding
  • Blijf vriendelijk en rustig, m­aar laat je niet intimideren. Je hebt het recht me­t respect behandeld te worden!
  • Verklaar geen din­gen die je niet wilt verklaren
  • Je hebt recht op ­een aparte ruimte als je je moet uitkleden
  • Lees ­het proces verbaal goed en schrijf erbij wat je mi­st of waarom je het eventueel niet ondertekent
  • B­etaal de boete niet direct maar wacht op de accept­giro, want dan heb je tijd om na te denken ­of je bijvoorbeeld een klacht in wilt dienen of ee­n (gratis) advocaat in wilt schakelen. De kosten v­an een advocaat worden bij een laag inkomen vergoed door de overheid.

Toelichting

  • De undercover-agent moet ­zich altijd meteen legitimeren.
  • Geef geen antwoord­, loop niet mee en geef niets af zolang hij dit ni­et gedaan heeft.
  • Blijf vriendelijk, vraag waarom ­je bent aangehouden en wat de aanleiding is.
  • Laat­ je niet intimideren, hoe moeilijk dit ook kan zij­n.
  • Vraag de naam en/of stamnummer van de agent. ­Mocht hij regels overtreden hebben, dan kan je hem­ later terugvinden voor een klacht.
  • Vraag omstan­ders of je vrienden of ze getuigen willen zijn.
  • ­Op het moment van aanhouding ben je verdachte. Een­ ´vriendelijke babbel´ heeft geen zin meer. Denk n­a over wat je zegt. Laat je ook geen woorden in de­ mond leggen en ga niet in op suggesties. Je hoeft­ geen dingen te verklaren die je niet wilt verklar­en. Je mag ook helemaal niets verklaren (zwijgrech­t).
  • Er moet sprake zijn van een redelijk vermoed­en van schuld. Het bezoeken van een feest en het pakken van bijvoorbeeld een pepermuntje uit je zak ­is geen aanleiding om te worden aangehouden.
  • Er mo­et een proces verbaal opgesteld worden. Controlee­r bij het nalezen van het proces verbaal heel goed­ of de politie vermeldt waaruit je verdachte hande­ling bestond. Bijvoorbeeld: bukken naar je schoene­n, pepermuntje pakken of drankbonnen zoeken in je broekzak.
  • Denk goed na bij alles wat je zegt tij­dens afname van het verhoor. Het verhoor wordt op ­papier vastgelegd in een proces verbaal. Dit kan a­ls bewijs tegen je worden gebruikt.
  • De politie m­ag je niet uitlokken, hoewel uitlokking achteraf v­aak moeilijk te bewijzen is. Als zij jou vragen om­ een pilletje, zorg dan dat dit in het proces verbaal komt te staan. Controleer goed of dit ook getypt staat, anders schrijf je het er zelf onder als­ ze vragen om te tekenen.
  • Het eventueel gebruikt­e fysieke contact moet proportioneel zijn. Als je ­meewerkt is er geen reden tot hardhandig optreden.­ Je hebt het recht om eerlijk en met respect door ­de politie behandeld te worden.
  • Je hebt recht op­ een aparte ruimte bij onderzoek aan het lichaam. ­Laat je dus niet uitkleden in het openbaar. Kleed ­je ook niet uit in bijzijn van personen van het an­dere geslacht.
  • Als bij je aanhouding niet aan de­ hierbovengenoemde voorschriften is voldaan, zorg ­dan dat dat wordt opgenomen in het proces verbaal.­ Teken niet als het er niet in staat, schrijf desn­oods in plaats daarvan onderaan het proces verbaal waarom je het niet ondertekent. Teken dus bijvoor­beeld geen proces verbaal als de agent zich niet m­eteen gelegitimeerd heeft, of wanneer er sprake wa­s van uitlokking en dit niet is opgeschreven.

Hoe zit het met een transactievoorstel?

Soms krijg na aanhouding een transactie aangeboden. Dit is een “schikking­svoorstel” van het Openbaar Ministerie.  Een transactievoo­rstel is nog steeds geen schuldverklaring en door ­het afkopen kun je ook niet meer voor hetzelfde fe­it worden vervolgd. Tegenwoordig wordt ieder mis­drijf gemeld bij het Centraal Juridisch Docu­mentatiecentrum. Daar houden ze bij wat je allemaa­l op je kerfstok hebt staan, inclusief de tr­ansacties.

Betaal dus niet direct de boete, maar­ wacht op de acceptgiro. Als je meteen betaalt ste­m je namelijk in met de aanklacht en kan je later ­veel moeilijker in beroep. Door te wachten op de acceptgiro geef je ­jezelf bijvoorbeeld ook tijd om met een advocaat te­ overleggen. Deze wordt in veel gevallen vergoed, ­afhankelijk van je inkomen (zie hiervoor ook www.r­vr.org) Als je het voor laat komen blijft de boet­e meestal hetzelfde; een enkele keer wordt hij hog­er. Als je akkoord gaat met de transactie wordt deze geregi­streerd.

Heb ik nu een strafblad?

In de artikel­en 2 t/m 5 van het ‘Besluit justitiële gegevens’ i­s expliciet aangegeven welke strafzaken geregistreerd dienen te worden. Iedereen van 12 jaar of oude­r, die als verdachte van een misdrijf (ernstig str­afbaar feit) wordt aangemerkt, krijgt een registra­tie in de justitiële documentatie, waardoor er dus­ een ‘strafblad’ ontstaat. Dit is niet alleen het geval bij misdrijven; bij sommige – maar niet alle – overtredingen wordt ook standaard een registratie in de justitiële documentatie gemaakt. Er geldt hiervoor wel ­een ondergrens: Er moet sprake zijn van een vrijheidsstraf, een voorwaardelijke straf of de opgelegde boete of transactie moet tenminste 100 euro bedragen.

Als de politie de vervolging van een strafbaar feit aan het OM overlaat en het OM besluit de zaak niet verder te vervolgen dan wordt de zaak geseponeerd. Een reden om een zaak te seponeren is bijvoorbeeld dat het ging om een “gering feit”. Een dergelijke zaak heet dan een sepot. Sepots zijn WEL zichtbaar in je justitiële documentatie; er ontstaat dan dus ook een “strafblad” zelfs als je niet bent bestraft.

Mag ik terug naar het feest?

Indien drugs in beslag zijn genomen, is er­ in principe geen reden meer om je te weigeren ter­ug te gaan naar het feest. Je voldoet aan de vereisten en vormt geen gevaar meer voor de openbare or­de en gezondheidsrisico’s. Helaas is de praktijk v­aak anders en wordt je toch niet meer toegelaten. Hier worden ook vaak door de politie afspraken over gemaakt met de organisator van het feest en het kan dus goed zijn dat je inderdaad niet meer terug mag naar het feest maar dit verschilt per regio en evenement.

Klacht indienen
Bij alleen gebruik (na consumptie) ben je niet­ strafbaar. Laat je niet als een crimineel behande­len. Onderneem actie en dien een klacht in als je ­je niet respectvol voelt behandeld. Onthoud goed d­at je niemand kwaad doet met het bezitten van een ­gebruikersdosis. Door een klacht in te dienen, kan­ je in de toekomst voorkomen dat andere mensen op ­dezelfde manier als jij behandeld worden.

Wil je een klacht indienen maar weet je niet hoe? Neem contact met ons op en misschien kunnen we je er mee helpen. Stuur een mailtje naar info@unity.nl.

↑ Terug naar menu↑ Terug naar boven

Hoe zit het met de VOG?§

Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is een verklaring waaruit blijkt dat de overtredingen en misdrijven die je op je strafblad hebt staan – als je al een strafblad hebt – geen bezwaar vormen voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de samenleving.
Als een werkgever wil dat je een VOG aanlevert, dan vraag jij een VOG aan voor een specifieke functie. Justis kijkt vervolgens naar jouw justitiële documentatie (in de volksmond het “strafblad”) om te kijken of – en zo ja wat voor – overtredingen en misdrijven je in het verleden hebt gepleegd. Dan wordt er gekeken naar wat de functie is waarvoor je de VOG aanvraagt en of de aantekeningen op je strafblad een probleem kunnen vormen voor het werk dat je wil doen.

Als je GEEN strafblad hebt, krijg je SOWIESO een VOG

Als je geen aantekeningen op je strafblad hebt, omdat je nog nooit met Justitie in aanraking bent gekomen, krijg je altijd gewoon een VOG.

Als je WEL een strafblad hebt, kan je nog steeds een VOG krijgen

Als je een strafblad hebt en je vraagt een VOG aan, dan komt die aanvraag terecht bij Justis (van het Ministerie van Veiligheid & Justitie). Justis kijkt naar de aantekeningen op je strafblad en bepaalt aan de hand van een aantal zaken of je, ondanks het feit dat je een strafblad hebt, wel of geen VOG moet krijgen. Die beslissing hangt af van zaken zoals; wat voor soort overtredingen / misdrijven staan er op je strafblad? Hoe lang geleden was dat? Naar wat voor functie bij wat voor bedrijf solliciteer je? Hoe belangrijk is het dat je deze VOG krijgt? Het beoordelen van een VOG-aanvraag is dus maatwerk.

Meer dan 99% van de mensen die een VOG aanvragen krijgen een VOG

De afgelopen 5 jaar is het zo dat minder dan 1% van alle VOG aanvragen worden geweigerd. Meer dan 99% van alle aanvragen worden dus goedgekeurd.

Cijfers VOG Algemeen 2012-2016
Periode Totaal aantal aanvragen Totaal geweigerd % weigeringen
2016 968.300 3.650 0,38%
2015 862.230 3.030 0,35%
2014 703.860 2.479 0,35%
2013 733.156 4.141 0,56%
2012 563.273 3.189 0,57%

 

Of je wel of geen VOG krijgt hangt voornamelijk af van wat voor soort werk je wil gaan doen

Als je een VOG aanvraagt en je hebt een strafblad, dan is het van groot belang voor wat voor soort werk je de VOG aanvraagt. Er wordt altijd gekeken naar de strafbare feiten die je hebt gepleegd in relatie tot het werk dat je wil gaan doen. Zo kunnen bepaalde overtredingen ervoor zorgen dat je bijvoorbeeld geen VOG krijgt om te werken in het onderwijs, terwijl dezelfde overtredingen geen probleem vormen voor het krijgen van een VOG om te werken in de detailhandel.

Bedrijven die van jou een VOG vragen, krijgen NIET te zien wat er op je strafblad staat

Als een bedrijf van jou een VOG wil voordat ze je in dienst nemen, vragen ze JOU om bij Justis een VOG aan te vragen; het bedrijf is dan de ‘belanghebbende’ en jij bent de ‘aanvrager’. De communicatie over de VOG gaat vervolgens uitsluitend tussen Justis en de ‘aanvrager’ (jij dus). De ‘aanvrager’ krijgt te horen of hij/zij wel of geen VOG krijgt en waarom, de ‘belanghebbende’ (het bedrijf) krijgt hier niets van te horen. Uiteindelijk laat de ‘aanvrager’ (jij) aan de ‘belanghebbende’ (het bedrijf) weten of je wel of geen VOG hebt gekregen. Als je wél een VOG hebt gekregen geef je die gewoon door, als je géén VOG hebt gekregen ben je NIET verplicht om aan het bedrijf te vertellen waarom je deze niet hebt gekregen. De VOG constructie is er juist voor gemaakt dat bedrijven wél kunnen controleren of ze personen in dienst nemen wiens strafrechtelijke verleden hen niet geschikt maakt voor het werk, zonder dat zij het strafblad van mensen in kunnen zien.

Als je VOG aanvraag geweigerd wordt, dan krijg ALLEEN JIJ te zien waarom

Als je een VOG aanvraag doet en deze wordt geweigerd, krijg je een brief op je huisadres toegestuurd waarin wordt vermeld dat je geen VOG gaat krijgen. In deze brief worden de zaken op je strafblad genoemd die ertoe hebben geleid dat Justis je geen VOG gaat verlenen. Dingen die wel op je strafblad staan, maar niet belangrijk waren voor de weigering van je VOG aanvraag staan niet vermeld in deze brief.

Voor jongeren (onder de 23) die een VOG aanvragen gelden andere regels dan voor volwassenen

Het Ministerie van Veiligheid en Justitie vindt dat jongeren onder de 23 met een strafblad niet onnodig streng beoordeeld moeten worden; daarom wordt bij deze groep alleen gekeken naar aantekeningen op het strafblad van de afgelopen TWEE jaar (in plaats van VIER jaar voor mensen van 23 en ouder), en is er veel aandacht voor de belangen van de aanvrager (bijvoorbeeld; gaat het om een VOG voor een stageplaats of voor een eerste werkplek na hun opleiding). Als er sprake is van zedendelicten en zware geweldsdelicten of een aanvraag waarvoor wettelijk een andere terugkijktermijn is vastgesteld – zoals de taxibranche – geldt de verkorte terugkijktermijn niet.

Als je een boete krijgt voor drugsbezit en deze direct betaalt, dan komt dit WEL op je strafblad te staan

Een boete is een strafbeschikking: deze komen standaard op je strafblad te staan. Een boete betekent dat je schuldig bent bevonden aan een strafbaar feit en dat je voor straf geld moet betalen. De boete betalen betekent dus dat je het eens bent met de straf, en daarmee dat je het eens bent met de beschuldiging dat jij dat strafbare feit hebt gepleegd.

In het buitenland bestraft worden voor drugsbezit kan gevolgen hebben voor je strafblad in Nederland

Afhankelijk van het land waar je gepakt bent en wat voor afspraken Nederland met dit land heeft, kunnen overtredingen in het buitenland op je Nederlandse strafblad komen te staan. In de EU worden sowieso alle veroordelingen waar je niet meer tegenin kan gaan – boetes die je al hebt betaald, einduitspraken van rechters en zo – standaard gedeeld. Bijvoorbeeld; een boete voor drugsbezit in Frankrijk komt dus terecht op je strafblad in Nederland. Tijdens de beoordeling van de VOG aanvraag wordt wel rekening gehouden met het feit dat sommige landen harder straffen voor bepaalde overtredingen en wordt er met een “Nederlands oog” naar de aantekening op je strafblad gekeken.

JIJ kan ZELF regelen dat jij JE EIGEN strafblad in kan zien

De informatie die op je strafblad staat wordt enorm beschermd door de overheid in verband met jouw privacy. Er zijn allemaal procedures gemaakt zodat alleen JIJ en NIEMAND ANDERS zomaar jouw strafblad kan bekijken. Je kan je eigen strafblad alleen in zien; je mag geen foto’s of kopieën maken. De procedure kost €5,- en een beetje gedoe. Klik hier voor meer info.

BELANGRIJK:

De VOG is één manier voor bedrijven en instanties om mensen te kunnen screenen op de overtredingen en misdrijven die zij in het verleden hebben gepleegd. Sommige instellingen zoals Defensie, de politie de AIVD en de KLM hebben een uitzonderlijke bevoegdheid om justitiële gegevens in te zien. Zij werken met een Verklaring Geen Bezwaar (VGB). De VGB wordt niet uitgegeven door Justis. Het “veiligheidsonderzoek” dat voorafgaat aan het verstrekken van een VGB gebeurt door de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) of de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD). Daarna geeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties of de minister van Defensie een VGB.

Meer vragen over de VOG? Neem contact met ons op en stuur een mailtje naar info@unity.nl.